Jeugd in dorpen Loppersum wil meer vertier

Driekwart van de jeugd in de gemeente Loppersum vindt dat er maar weinig voor hen te beleven valt in hun dorp. Dat is een van de conclusies uit een jongerenpeiling die zaterdag werd gepresenteerd

Loppersum is met zijn 17 dorpen (zonder grote kern) een echte plattelandsgemeente. Meer dan de helft van de schoolgaande jeugd besteedt hooguit een uur per dag aan huiswerk. Dan blijft er een hoop vrije tijd over. Toch zegt het merendeel van de jongeren zich vrijwel nooit te vervelen. Ze besteden hun tijd vooral aan televisie of video kijken, muziek luisteren, hobby’s, computerspelletjes, chatten, sport en cultuur. Ruim tweederde van de jongeren is lid van een vereniging of club.


De dorpsjeugd ontmoet elkaar vooral op school, bij elkaar thuis, bij het sporten, op straat of in het uitgaansleven. Een grote meerderheid komt zelden of nooit in een van de acht jeugdsozen in de gemeente. Het meest nemen ze nog deel aan het jeugdwerk van de kerk. Een bezoek aan de disco of het cafŽ geniet niet de grote voorkeur. Mogelijk komt dat ook omdat het grootste deel minder dan 10 euro in de week (meestal zakgeld) te besteden heeft.


Ook het moeizame vervoer naar uitgaansgelegenheden speelt een rol. Van de jongeren die uitgaan reist een groot deel (23 procent) naar Groningen en sommigen naar Delfzijl, Uithuizen of Appingedam. De Middelstummer discotheek Moonlight weet 17 procent van de stappende jeugd aan zich te binden.


Gevraagd naar de activiteiten die de jeugd meer zou willen zien in de dorpen van Loppersum, blijkt er een grote voorkeur voor sportwedstrijden, muziek (bandjes en concerten), skatevoorzieningen, een eigen plek of gebouw, dans, disco, toneel, feest en film. Maar ze zijn toch vooral bezorgd over het verdwijnen van bestaande voorzieningen, zoals zwembad, bibliotheek, winkels, sporthallen en voetbalvelden.



Veiligheid


De jongeren voelen zich over het algemeen veilig in hun dorp, vooral de jongens. Van de meisjes geeft 18 procent aan zich niet veilig te voelen, vooral ’s avonds en ’s nachts niet. Als risicolocaties worden gevaarlijke kruisingen, slecht verlichte plekken, het bos, de speeltuin, hangplekken en cafŽs genoemd. Een klein deel van de jongeren draagt een (steek)wapen, dat ze ook meenemen naar school of naar een uitgaansgelegenheid. Van 16 procent van de jongeren is wel eens iets gestolen en enkelen hebben te maken gehad met bedreiging, ongewenste intimiteit en vernielingen. Een kwart van de dorpsjeugd geeft aan zelf ook wel eens vernielingen te hebben gepleegd

Dagblad van het noorden

Geef een reactie